Puberbrein in balans door neurofeedback
Pubers moeten puberen
Pubers moeten puberen, daar is geen ontkomen aan. De hersenen van pubers zijn enorm aan het veranderen en het gedrag dat daarbij hoort, is dus heel natuurlijk! Sterker nog: “het is zelfs nodig om uit te groeien tot een gezonde volwassene.” Hersenen van pubers, werken dus soms anders dan die van volwassenen. Ze zijn namelijk nog in aanbouw. Niet alleen je lichaam groeit en verandert, ook je hersenen ontwikkelen zich volop tussen je 10e en 25e levensjaar. In de puberteit zijn de hersenen eigenlijk bezig met één grote verbouwing.
Emotie en ratio ontwikkelen zich niet gelijktijdig tijdens de puberteit. Daardoor reageren pubers vaak niet of juist hyper-emotioneel.
Pubers en leren
De prefrontale cortex is verantwoordelijk voor veel mentale functies zoals het controleren van je impulsen, het beoordelingsvermogen, probleemoplossing, planning, sociaal gedrag, taal en geheugen. Daarnaast is de frontale cortex normaliter in staat adequaat te anticiperen en de gevolgen voor lange termijn te overzien. Maar dat gebied is bij pubers nog niet zo efficiënt georganiseerd en bovendien communiceert dat deel niet optimaal met het beloningsgebiedje waar dat positieve gevoel zit. Pubers kunnen plotseling erg gevoelig worden voor de mening van vrienden, dankzij veranderingen in de frontale cortex.
Pubers en emoties
Hormonale veranderingen bij pubers zorgen voor een extra ‘kick’ in het limbisch systeem. “Dit is het hersengebied dat reageert op beloningen, dus hier gaat het om emoties en impulsen.” Deze combinatie van een sterke drang om leuke dingen te doen en het nog niet ontwikkelde remmechanisme zorgt voor probleemgedrag. Het impuls – emotiegebied (zie onderstaande afbeelding: limbisch systeem), diep in de hersenen, is in deze periode bij pubers dus heel gevoelig. Dit maakt dat pubers van alles uitproberen, heftig reageren en impulsief zijn. Ook een typische ‘puberklacht’ is het ochtendhumeur. Hierbij is het stofje melatonine de schuldige, want deze slaapstof van de hersenen wordt bij pubers zo’n twee uur later afgescheiden dan bij volwassenen. Het gevolg is dat ze later naar bed willen en in de ochtend hun bed niet uit kunnen komen.
Pubers en neurofeedback
Bij de een valt het puberen meer op dan bij de ander, en soms leidt het tot grote problemen. Daar kan neurofeedback en ook de omgeving nog veel aan doen! Neurofeedback herstelt abnormale hersenritmes in het emotionele brein (limbisch systeem) van pubers. Dit betekent dat neurofeedback hersenactiviteiten in dit gebied informatie geeft om normale hersenritmes te gaan produceren. Uit de praktijk blijkt dat neurofeedback in dit hersengebied voor pubers goede resultaten oplevert. Pubers worden vooral in hun hoofd rustiger, kunnen zich beter beheersen, denken vaak beter na, zijn gemotiveerder en hebben minder last van uitstelgedrag.
Neurofeedback kan de cortex van pubers afhankelijk van de situatie juist stimuleren en in balans brengen
Pubers kunnen als de cortex in balans is en voldoende hersengolven produceert beter concentreren en de aandacht gedurende de dag beter vasthouden. Pubers kunnen door neurofeedback beter plannen wat belangrijk is voor doelgericht gedrag! Denk bijvoorbeeld aan opletten in de klas als er achter je gepraat wordt. Het geeft ze aanzienlijk meer vertrouwen wat resulteert in betere schoolprestaties.
Hersenen van pubers worden door neurofeedback flexibeler. Ze kunnen zich daardoor aanzienlijk beter aanpassen aan hun omgeving.
Wat kun je doen als puberouder!
- Besteed veel aandacht aan hoe je puber plant en organiseert.
- Neem een puber en zijn emoties serieus. Het puberbrein houdt van angst en spanning, maar moet ook de kans krijgen om daarmee om te gaan.
- Adviseer als ouder je puber bij een belangrijke beslissing om bijvoorbeeld nog even na te denken, en niet meteen zelf een besluit te nemen.
- Houd in de gaten waar je kinderen zijn en wat hen interesseert (laat ze vertellen en luister vooral).
- Positief gedrag benoemen, belonen.
- Stel als ouder duidelijke grenzen en handhaaf ze.
- Laat pubers uitslapen wanneer dat kan. Bijslapen in bijvoorbeeld het weekend helpt.


